donderdag 20 augustus 2015

'De Stem van de Zee, Eiland in de mist ~ deel 1- Mara Li



Genre: fantasy - dystopisch
Uitgever: Uitgeverij Storm Publishers
ISBN: 978 94 92098 09 2
Uitvoering: paperback
Aantal bladzijden: 308
Jaar van uitgave: 2015

Het gelezen boek is een ongecorrigeerd exemplaar, beschikbaar gesteld door de uitgever waarvoor dank!

De cover
Deze is blauwig van kleur. Je ziet een vrouw staan op een rots vlakbij een mistige zee staan. Ze kijkt over de zee heen. Er lijkt iets van weemoed in haar blik te liggen. Haar jurk is helderblauw en haar haren zijn zwart. In zwarte letters staat boven het hoofd van de vrouw, aan de horizon, de naam van de schrijfster. De titel is onderaan het boek vermeld in witte letters met een apart, maar passend lettertype voor dit verhaal. De ondertitel “Eiland in de mist” laat weten dat het een deel van een serie is; deel 1 in dit geval. De cover krijg van mij een 8.

Het verhaal
Nimue is een vissersdochter. Ze leeft met broer Arthur en hun oma in Gwennec, aan zee. Hun moeder Rona is jaren gelden geleden zonder opgaaf van reden vertrokken en hun vader is omgekomen tijdens een ongeluk op zee. Gwennec een klein gehucht aan de kust van wat vroeger Bretagne was en nu Breizh heet. In het verleden is er een inslag van een meteoriet geweest, deze heeft een groot deel van de mensheid vernietigd. Degenen de het overleefd hebben, zaten in zogenaamde “Arken” die op nucleaire energie draaiden en een deel van de mensheid heeft op deze manier de gevolgen van de inslag overleefd. Er is ruim een eeuw na de inslag een nieuw Europa ontstaan: Oud-Europa is Centraal-Europa geworden en wordt nu bestuurd vanuit Rome. Nog steeds voelt de bevolking de gevolgen van de inslag: er zijn nog veel chemicaliën in de atmosfeer en het regenwater is giftig. Ook sommige vissen zijn giftig, Nimue en haar familie moeten tijdens het vissen op zee goed opletten welke soort ze vangen.

Nimue vindt op een dag op zolder een kistje met erop geschreven in haar vaders handschrift: voor Nimue. Het kistje bevat een ketting met een kiezel en het dagboek van haar moeder Rona. Het dagboek is in vrij gehavende toestand. Als ze begint te lezen staat er: augustus 2117 A.D. Door het lezen van het dagboek komt Nimue meer te weten over haar moeder en de reden dat ze hen verlaten heeft: ze is gevlucht om Nimue en Arthur te beschermen. ’s Nachts wordt het huis van Nimue plotseling overspoelt door zeewater en Arthur en Nimue weten ternauwernood te ontsnappen. Hun oma overleeft de tragedie helaas niet. Nimue brengt Arthur op de hoogte van het dagboek en doordat ze in Gwennec alles kwijt zijn geraakt door de overstroming: hun huis, hun boot en daardoor geen inkomen meer, besluiten ze hun moeder na aanleiding van het dagboek op zoek te gaan naar hun moeder, in de hoop dat ze nog leeft. In het dagboek staat de route die Rona gevolgd heeft van Rome naar Gwennec. Tijdens deze zoektocht horen Nimue en Arthur over een vreemde ziekte: de zwarte griep. Hun moeder vermeldde deze ziekte ook al in haar dagboek.
Ook komen ze tijdens hun reis achter informatie over hun familie, die hen beangstigt. Niet alleen de informatie is beangstigend. Nimue heeft ook enkele malen een soort ontmoeting met een schimmig, spookachtig wezen, dat haar naam roept. Ze heeft geen idee wat ze hiervan met denken. Verder krijgen ze onderweg informatie te horen over een instituut: de Asklepios Congregatie. Deze groep probeert een genezing te vinden voor de zwarte griep. Hiervoor worden uit heel Europa kinderen ontvoerd door mannen die “Slangen” genoemd worden, deze kinderen dienen als testpersoon voor een eventueel medicijn. Het blijkt dat Nimue meer met dit instituut te maken heeft dan ze zich van te voren voor had kunnen stellen. 

Mening en conclusie
Het boek begint met een intrigerend citaat dat een songtekst blijkt te zijn van “The Dark Island” van Stewart Ross. Het is een Iers folkloristisch lied. Na het lezen van het boek, vind ik dit een uitstekend gekozen. Het verhaal bevat vele folkloristische elementen. Zo zijn de namen Nimue en Arthur en de naam van het mistige eiland waar hun moeder Rona vandaan komt, Avalon, afkomstig uit de Arthursage. Avalon is in die sage een “in nevelen verborgen oord” dat slechts bereikbaar is voor diegenen die de magische boot kunnen roepen en het eiland kunnen vinden. Toen Nimue nog klein was zong haar moeder altijd een lied over een geheimzinnig eiland, waar Nora (volgens haar dagboek) zelf vandaan blijkt te zijn gekomen.
In het begin van het boek kreeg ik het idee dat het verhaal zich in het verleden afspeelde. Het vissersleven, het gehucht waar Nimue woont, alles lijkt daarop te duiden. Tot mijn verrassing blijkt het zich in de toekomst af te spelen.
Het verhaal komt traag op gang, maar laat je daar niet door tegen houden. De spanning wordt langzaam opgebouwd en uiteindelijk zit je zó in het verhaal dat je wel door móet lezen.
De schrijfster weet de sfeer goed weer te geven. Allereerst in het vissersdorp Gwennec. Je voelt de guurheid, de natuur die hard is geworden na de inslag. Ook de hardheid van het armmoedige leven van Nimue wordt goed verwoord.
Je krijgt elke keer kleine stukjes informatie over het verleden, zoals de stukken uit het dagboek van Rona. Dit doet je verlangen meer te weten te komen en door te lezen. Wat is er toch gebeurd, waarom is Rona op een dag zomaar vertrokken?

De prachtige combinatie folkloristische elementen (geesten, spoken en feeën) gemengd met moderne techniek uit onze tijd (die in de tijd waarin dit boek zich afspeelt alweer deels vergeten is), de opbouw van een nieuwe civilisatie, het geloof van Rona in “De andere wereld”: dit geheel is zonder meer speciaal te noemen. Dan de naam Asklepios die voor het instituut gebruikt wordt. Asklepios is in de Griekse mythologie de god van geneeskunde en genezing. Asklepios wordt meestal afgebeeld met een staf waar een slang omheen kronkelt (vandaar de naam “Slangen” voor de mannen die voor het instituut werken).

Het is een boek, waar meer kanten aan zitten, dan ik van te voren had ingeschat. Ik heb ervan genoten en kijk uit naar deel twee en drie, die respectievelijk in januari 2016 en zomer 2016 zullen verschijnen.

Het boek krijgt van mij 4 sterren.
Jeanine - Recensent DPB

Geen opmerkingen: