dinsdag 1 december 2015

'Pogingen iets van het leven te maken' – Hendrik Groen


Genre: Nederlandse literatuur
Uitgever: Meulenhoff Boekerij B.V.
ISBN: 9789029089975 / NUR: 301
Uitvoering: Paperback met flappen
Aantal pagina’s: 328
Uitgave: juni 2014

Met dank aan uitgeverij Meulenhoff Boekerij voor dit recensie exemplaar. 

Cover

Op de cover staat een tekening van een bejaarde man die de lezer recht aankijkt. Een vastberaden blik in de ogen en een pluk haar dat eigenwijs naar buiten steekt. De subtitel (Het geheime dagboek van Hendrik Groen, 83 ¼ jaar) leert mij dat de man in kwestie waarschijnlijk Hendrik zal zijn. Hij straalt iets onverzettelijks uit, dus of het een Brave Hendrik is ...? Ik geef de cover een 8.

Samenvatting

Hendrik Groen is 83 jaar oud en woont in een verzorgingshuis in Amsterdam. Hij ergert zich groen en geel aan het dagelijkse, nietszeggende gezeur van de medebewoners die zich enkel nog druk lijken te maken om onzinnigheden, zoals dat het winkeltje een dag gesloten is in verband met een sterfgeval. Hendrik denkt hier het zijne van, maar hij is te 'braaf' om zich hierover uit te spreken. Zijn beste vriend Evert, die in een aanleunwoning woont, neemt daarentegen geen enkel blad voor de mond. Om zich niet eronder te laten krijgen, besluit Hendrik om een dagboek te schrijven over zijn dagelijks leven in het verzorgingshuis. 

Hiermee wil hij vooral een kijkje geven achter de schermen van het dagelijks leven in een verzorgingshuis (en het bestuur hiervan). Hij schrijft over de gesprekken aan de koffietafel, over het ontstaan van de 'oud-maar-niet-dood'-club, over vriendschap, over verlies, ... Eigenlijk over van alles wat het leven maakt. Want hij wil nog het meeste uit het beetje leven halen dat hem resteert.

Conclusie

Pogingen iets van het leven te maken – Het geheime dagboek van Hendrik Groen, 83 ¼ jaar van Hendrik Groen is een bijzonder relaas vanuit het perspectief van de 'ervaringsdeskundige'. We weten allemaal hoe het is om ouder te worden, we zijn er tenslotte zelf bij (en het gaat vanzelf), maar hoe zit het met die laatste wachtruimte? De blessuretijd als het ware. De levensfase waarvan je weet dat je de meeste boterhammen al op hebt. Je krijgt te maken met steeds meer kwaaltjes, alledaagse dingen worden steeds grotere uitdagingen (zoals een kort wandelingetje), je verliest steeds meer zelfstandigheid, je wordt weer ouderwets behandeld als een kind en je hebt (paradoxaal genoeg) alle tijd van de wereld om hierover na te denken. 

Hoe vul je die laatste dagen, weken, maanden? Hendrik Groen geeft met zijn dagboek een kijkje in zijn dagelijks leven. De manier waarop het bestuur van het verzorgingshuis invulling geeft aan de zorg met alle protocollen en reglementen (die niet ingezien mogen worden), de nietszeggende discussies van chagrijnige bejaarden, de pathetische afgunst en jaloezie van medebewoners, de treurigheid van de verpleegafdeling (het definitieve eindstation) waar bijvoorbeeld de Alzheimer-gevallen zitten, ... het is een greep uit de dagelijkse sleur. 

Maar, zoals gezegd, is Hendrik Groen niet van plan zich enkel met ellende bezig te houden, hij wil nog het meeste uit het beetje leven halen dat hem rest. Samen met zijn beste vriend Evert (een ongezouten, cynische, lompe, maar zeer geestige bejaarde) en de sympathieke medebewoners Eefje, Grietje, Graeme en Edward richten ze de 'oud-maar-niet-dood'-club op. Hun doel? Om de beurt uitstapjes organiseren om de dagelijkse sleur te doorbreken. Op droge, humoristische en vaak ontroerende wijze doet Hendrik, gedurende een jaar, verslag van (bijna) elke dag. Hij schroomt daarbij niet om ook intieme aangelegenheden, als het druppelen in de onderbroek en de voorzichtige navragen bij de geriater met betrekking tot euthanasie, uit de doeken te doen. 

Ook het vroegtijdig verlies van zijn dochtertje en zijn gevoelens voor Eefje komen aan bod. Hendrik Groen zegt (op papier) onomwonden waar het op staat, of eigenlijk hoe je er voor staat als bejaarde in een verzorgingshuis. In ieder geval als bejaarde die nog 'strijdbaar' genoeg is om niet gewoon zomaar dood te gaan.

Beoordeling

Het dagboek is vlot geschreven en ondanks dat het op sommige dagen enkel over de koetjes en kalfjes lijkt te gaan, blijft het van begin tot het einde boeiend om te lezen. De ontluikende  vriendschappen worden hartverwarmend beschreven. De zorgen van Hendrik om het welzijn van zijn vrienden of over het leven in het verzorgingshuis (met alle onbegrijpelijke regeltjes), stellen de lezer in staat om Hendrik 'echt' te leren kennen. 

Of Hendrik Groen nu wel of niet daadwerkelijk een man van 83 ¼ jaar was toen hij het boek schreef, vind ik daarbij niet ter zake doen. Pogingen iets van het leven te maken leest als een roman, hetgeen voor mijn gevoel de authenticiteit van een dagboek wat wegneemt. Het zet de lezer wel aan het denken over een kwestie waar we zolang mogelijk verre van willen blijven: oud zijn. 

Want hoe gaan we tegenwoordig met de ouden van dagen om? Met de zorg die steeds verder uitgeknepen wordt, waarbij steeds vreemdere voorstellen worden gedaan om geld te besparen (lees: winstuitkeringen te maximaliseren), lijkt de levenskwaliteit er niet beter op te worden aan het einde van de rit. Als een verzorger met een stopwatch zijn werkzaamheden moet doen om vooral binnen de van boven opgelegde normen te blijven, dan staat ons, bejaarden van de toekomst, nog wat te wachten. Die problematiek mag zeer reëel genoemd worden, maar zal voor veel mensen nog ver van hun bed zijn. Dat wil zeggen, totdat je er zelf in ligt. Maar goed dat Hendrik Groen er is (of was?) om ons iets te leren. Bejaard zijn valt niet mee. Of zoals Hendrik zelf treffend zegt over de felicitatiedienst van het verzorgingshuis:

Wildvreemde mensen die je op je verjaardag komen toezingen en daarna je taart opeten is van een gezelligheid die je hevig naar eenzaamheid doen verlangen”.


Ik geef dit boek 4 sterren. 

Chester Gerritse - Recensent De Perfecte Buren 

Geen opmerkingen: