dinsdag 13 september 2016

Auteurs bloggen.....Katrien Van Effelterre


Ik zou hebben gedacht dat het een nieuw soort bakboter was. Je weet wel, met minder vet, vol anti-oxidanten, en gemaakt in een ambachtelijke boerderij die je alleen op de reclamespot maar niet op Google Maps ziet. Smeuïg en gezond, wat wil een mens nog meer voor z’n instant geluk?
Dat was het dus niet, verzekerde een vroegere collega me. Waar zij aan leed, was ‘fear of missing out’. De angst om iets te missen en de daaraan verbonden vergroeidheid met sociale media. FOMO dus. Intussen al niet langer de enige in het rek naast MOMO, BROMO en nog meer van dat fraais.


U kent ze vast ook, de mensen die als de dood zijn om een festivalletje aan hun neus te zien voorbijgaan en die volgens hun Facebook-account altijd wel op één of ander feestje, terrasje, concertje of citytripje zijn ‘ingecheckt’.
Op de eerste zonnige lentedagen kan je ze niet missen.


Ben ik dan zo anders? vraag ik me af op zo’n dag waarop ik blij ben met een lege agenda en een volle boekenkast. Tot voor kort leek het echt ‘not done’ wat ik deed. Of liever wat ik niet deed. Maar door het wonderlijk snel gegroeide succes van m’n boekenkindje Levend aas, heb ik nu zoveel Facebook-leesvrienden dat ik me helemaal begrepen voel. Met een boek onder een parasol in een kwetterende vogeltuin.


Nee, we zijn niet asociaal. Maar misschien wel een tikkeltje te verslaafd aan authenticiteit om ons op vrije dagen te schikken in sociale omgangsregels die onze emotionele nieuwsgierigheid onbevredigd laten.
Want in grote gezelschappen kom je zelden te weten wat een ander echt voelt en denkt. Voor mij is er geen grotere eenzaamheid dan die van mensenmassa’s die wel praten maar niks zeggen.
“Lekker weer hè! Alles goed met je?’”
“Nee, eigenlijk niet, ik zit al de hele week niet lekker in m’n vel.”
“O, wat jammer voor je.” Een vleugje angst in ogen die zeggen: had ik maar niks gevraagd. “Ik ga even iets te drinken halen. Ik zie je straks nog wel!”
Er bestaat geen betere manier om een royale plek op een festivalweide te veroveren.

Met een boek gaat het helemaal anders. Je slaat het open en bent meteen welkom in het diepst van iemands ziel. Compleet met verborgen angsten, verlangens en met bloed- en koffievlekken bemorste details uit een aan jou blootgelegd dagelijks bestaan. Hoeveel authentieker kunnen de eerste regels van het contact met een wildvreemde zijn?

Zeggen dat het ‘maar fictie’ is, gaat beslist niet op. Want ìemand heeft het wel geschreven, en die iemand bestaat helemaal echt.

Net zoals de band die tussen lezer en personage kan ontstaan, zo echt kan zijn dat het iets met je doet, diep vanbinnen. Nee, je bent niet alleen met wat je denkt en wilt en voelt. Ook niet als dat lijnrecht op alle clichés staat. Misschien net dan nog het minst. Over clichés gesproken: ‘the happy family’ wordt niet alleen in mijn huidige leesvoer op de korrel genomen. Moeder, vader en kinderen gezellig samen in de tuin? Vergeet het maar. Terwijl ik met m’n boek wegvlucht uit mijn tuinstoel omdat het geschreeuw van de buren de godganse dag blijft doorgaan, weet ik dat Heleen Van Royens Gelukkige huisvrouw me helemaal begrijpt.


Te oordelen naar de decibels hangen er beslist geen roze babywolken in het perceel grenzend aan het mijne. Voor een hoogebejaarde dame die beschikt over een eenvoudig klein knopje om haar hoorapparaat uit te schakelen zouden het de perfecte buren zijn.
Ik ontsnap naar binnen en zet met een weldadige zucht mijn computer aan. Nee, geen Facebookgestuurde FOMO-aanval hier. Eerder een ETO. Evacuatie-van-de-Trommelvliezen-Operatie.
Ik open mijn browser, laat me omhullen door stilzwijgende woorden, en glimlach. DPB. Leesclub van Lettervreters. Mijn perfecte buren wonen hierbinnen. En ze schreeuwen nooit.

Geen opmerkingen: