zaterdag 29 oktober 2016

Pseudo-intellectueel




In elitaire en intellectuele kringen werd het jaren als chic beschouwd wanneer je riep dat je geen tv keek. De intellectueel vergaarde zijn nieuws en andere benodigde informatie exclusief uit kwaliteitskranten en ingewikkelde opiniebladen. Televisie stond gelijk aan pulp, en pulp was voorbehouden aan het gewone volk.

Tegenwoordig zie je steeds vaker hetzelfde gebeuren met Facebook. Het is buitengewoon interessant als je kunt roepen dat je geen Facebook-account hebt. Ik ben niet elitair, en al helemaal niet intellectueel, dus ben ik bijna dagelijks actief op Facebook en daar schaam ik me geenszins voor. Naast de kranten die ik lees is Facebook voor mij een welkome aanvulling op het nieuws. Het is een makkelijke manier om vriendschappelijke banden te onderhouden met kennissen die je anders een stuk minder zou spreken en het biedt mij als schrijver natuurlijk de mogelijkheid om in contact te komen met mijn lezers.
Toch moet ik helaas bekennen dat ik de elite en intellectuelen zonder Facebook-account zo nu en dan wel begrijp. Facebook is een prachtige uitvinding, een verrijking voor het gewone volk, maar het wordt voor mij ook een steeds grotere bron van ergernis. Ik heb al eens iets gezegd over de enorme hoeveelheid non-informatie die dagelijks als een niet te stoppen lawine van woorden op ons af dendert, ik heb stelletjes die er een gezamenlijke Facebook-account op na houden door de mangel gehaald en ik heb het bemoeizuchtige en opdringerige karakter van Facebook al eens eerder onder de loep genomen, maar er zijn nog veel meer redenen waarom het platform me soms mateloos irriteert. Vage statussen bijvoorbeeld. Ik krijg spontaan jeuk van al die aandachtstrekkers. Wat dacht je van ‘Ik heb het zwaar vandaag, maar ik ga niet uitleggen waarom.’ Ik moet me meestal inhouden om niet te reageren met ‘Prima, fijn weekend hè!’ Ja zeg, post dan niets!
Toch staan er onder zo’n cryptische klaagzang meestal reacties van mensen die het blijkbaar wél snappen. ‘Hou vol’ en ‘Je bent een kanjer!’ zijn veelgelezen reacties onder dit soort berichten. Vaak worden de troostende woorden ook nog opgesierd met afbeeldingen van kussende kuikentjes of knuffelende konijntjes. Sommigen uiten hun medeleven door depressieve songteksten te plaatsen, anderen strooien met huilende smileys die worden vergezeld van teksten als ‘This is how I feel’ of ‘Better times will come, I promise’.

Waar ik ook slecht tegen kan zijn aandachtsgeile dames die gemiddeld zes selfies per dag op hun tijdlijn plaatsen. Vissende vrouwen die met hun beste foto’s naar complimentjes hengelen en met alle valse bescheidenheid die in ze schuilt hun tekortkomingen als aas gaan inzetten. Ughhh, wat ben ik lelijk, moet je die onderkin eens zien.’ Uiteraard worden alle Facebook-vrienden geacht het negatieve zelfbeeld van de aandachtsjunk te ontkrachten. Het is een even doorzichtige als meelijwekkende poging tot zelfverheerlijking waar ik niet aan meewerk, maar er zijn er altijd wel een paar die reacties plaatsen als ‘Gekkerd, je bent een schoonheid, echt prachtig’, of ‘Doe niet zo mal, knapperd, ik zou zo met je ruilen’. Meestal hou ik me in, maar ik zou de nagemaakte zelfkritiek en het geveinsde minderwaardigheidscomplex het liefst keihard willen afstraffen met woorden als ‘Nou, inderdaad, dit kan écht niet, maar hulde voor je zelfkennis’.

Maar het kan nóg erger. Naast een zorgwekkend gebrek aan gevoel voor interpunctie en het snelgroeiend aantal gebruikers dat hun toetsenbord standaard in capslock heeft staan, erger ik me vooral groen en geel aan de grote hoeveelheid ‘Deel dit als je een hart hebt’-berichten. ‘Deel dit bericht als je tegen kanker bent’ of ‘Like dit bericht als je ook tegen dierenmishandeling bent’, meestal opgeleukt met de gruwelijkste foto’s. Misschien ligt het aan mij, maar ik heb nog nooit iemand ontmoet die vóór kanker en dierenmishandeling is. Je gaat je serieus afvragen hoe laagbegaafd sommige Facebook-gebruikers zijn. Het zijn vaak dezelfde personen die in een krampachtige poging tot interessantdoenerij hun tijdlijn volkalken met levensbeschouwende tegelwijsheden en quasidiepzinnige poëzie die ze meestal zelf niet begrijpen. Doorgaans staan de teksten vol met stuitende taal- en stijlfouten, waardoor ze zichzelf bij mij in één klap volslagen belachelijk maken.

Er zijn helaas nog veel meer Facebook-gebruikers waar ik zo mijn bedenkingen bij heb. Ik noem de notoire plaatjesverspreiders met een bedenkelijk Hyves-verleden, de spelletjesfanaten die je dagelijks uitnodigen om de nieuwste Candy Crush-app te downloaden of – erger nog – tachtig keer per dag de levels die ze hebben bereikt op hun tijdlijn delen, de eenzamen die het platform gebruiken om dagelijks hun hart te luchten, mensen die alles wat ze eten fotograferen en delen, narcisten die vol trots hun eigen foto’s en statussen liken, mensen die werkelijk álles liken (hoeveel kan een mens leuk vinden op één dag?), de alom gevreesde klaagmuren (‘Pfff, nog vier dagen dan is het weer weekend’, ‘Pfff, morgen alwéér werken’, ‘Pfff, het regent’), de ziekelijken die je de godganse dag op de hoogte houden van al hun pijntjes en kwalen (wat moet ik met al die verhalen over bulten, uitslag en dunne poep?), mensen die inchecken in hun eigen woning, Facebook-patiënten die lijden aan chronische woordmenstruatie, de zwijgende alleslezers, dames van de kattenclub, smileyverslaafden, meelopers in de kijk-ons-eens-een-leuk-en-interessant-leven-hebben-parade, mensen met een kort lontje en natuurlijk de groep moddergooiende socialmediaschavuiten die altijd over alles en iedereen iets te zeiken heeft.

O, wacht effe, tot die laatste groep behoor ik zelf. Misschien wordt het tijd dat ik me iets elitairder ga gedragen. Nee, dat staat me niet en niemand zou me nog geloven. Ik kan natuurlijk wel gewoon de pseudo-intellectueel gaan uithangen, dat doen immers wel meer schrijvers. Het interessante brilletje en de lelijke kop heb ik al. Ja, dat wordt ’m, de pseudo-intellectueel. Mét een Facebook-account, dat dan weer wel.

Copyright © 2016 Jeroen Guliker | Credo Uitgevers
Deze column komt uit de bundel ‘Niet voor tere zieltjes’ - deel 2

Geen opmerkingen: