donderdag 3 november 2016

10 jarig jubileum Loes den Hollander


Loes den Hollander tien jaar auteur!


Vandaag viert de bekende thrillerschrijfster Loes den Hollander haar tienjarig jubileum als auteur. Als ijkpunt voor de start van haar schrijversloopbaan hebben Loes en haar uitgever Karakter gekozen voor vrijdag 3 november 2006, de dag waarop haar eerste thriller “Vrijdag” ten doop werd gehouden. Loes schreef al veel langer maar het was lastig een eerder eenduidig startpunt vast te stellen.

In de afgelopen tien jaar gaf zij blijk van een ongekende productiviteit met een gemiddelde van twee boeken per jaar. Die boeken worden zeer veel gelezen en ook veelal hoog gewaardeerd. Recentelijk verscheen de eenentwintigste thriller met als titel “Duivelspact”. De duorecensie van de hand van Patrice van Trigt en Charles Kuijpers van dit geweldige boek is hier te vinden.


Het jubileum gaf DPB aanleiding om Loes enkele bijzondere vragen voor te leggen waarop zij spontaan en openhartig antwoordde.
Wij wensen Loes van harte geluk met haar jubileum, en hopen nog heel veel jaren van haar fraaie en intrigerende pennenvruchten te mogen genieten.

Daar gaan we dan!

Je verhalen kenmerken zich onder meer door het ontbreken van uitgebreide beschrijvingen van gruwelijkheden. Vermijd je die bewust, en zo ja, waarom?
Ik vermijd inderdaad plastische beschrijvingen van gruwelijkheden en dat komt omdat ik die zelf niet kan lezen. Ik word daar beroerd van. Aan mij zijn boeken waarin dit gebeurt dus niet besteed. Maar ik wil dit niet alleen niet lezen, ik wil ook niet op die manier schrijven. Ik houd het bij gruwelijkheden die vooral te maken hebben met uitspattingen op het psychologische vlak. Die zijn misschien soms nog erger dan plastisch beschreven details, maar daar kan ik beter tegen.

Bij veel van je personages komt het slechtste in de mens naar boven. “Normale” mensen zijn meestal in de minderheid in je boeken. Zie je dat als een afspiegeling van de maatschappij?
Ik vertrouw in het dagelijks leven bij voorkeur op het goede in de mens. Van nature ben ik een optimist die de zon in het water kan zien schijnen. Maar ik schrijf thrillers en die zouden een beetje saai worden als ik te veel lieverds opvoer. Daarbij moet ik ook melden dat ik vanaf mijn jeugd al geïnteresseerd ben in afwijkend gedrag van mensen. Dat fascineert me. Ik ben ervan overtuigd dat ieder mens zijn eigen gekte meedraagt, maar zolang een leven redelijk in balans is zal daar niet veel van te merken zijn. Het kan spannend worden als de balans wordt verstoord. Dat geldt voor iedereen, ook voor mij.

Je taalgebruik is volgens diverse recensenten een lichtend voorbeeld voor vele schrijvers. Jij kunt met weinig woorden in hoog tempo de lezer in de situaties en personages van je boeken trekken. Hoe heb je die vaardigheid ontwikkeld, of zit het gewoon in je genen?
Dat is mijn stijl van schrijven en de enige manier waarop ik het kan. Natuurlijk heb ik die schrijfstijl in de loop der jaren wel meer ontwikkeld, oefening baart
zeker kunst hoe clichématig dit ook mag klinken, maar die stijl zit in me en kan er alleen op deze manier uitkomen.

In tien jaar maar liefst 21 thrillers, 3 verhalenbundels en 1 roman, een ongekende productiviteit. En je doet geen enkele concessie aan de kwaliteit. Hoe komt het toch dat je zo gemakkelijk schrijft, of zit er achter de voordeur veel bloed, zweet en tranen?
Ik vind het altijd een beetje moeilijk om te zeggen dat er geen bloed, zweet en tranen aan te pas komen, zeker omdat ik weet dat schrijven voor sommige andere auteurs een soort lijdensweg is. Misschien is schrijven voor mij zo leuk omdat ik gewoon kan gaan zitten en het dan gebeurt. Ik voel me daardoor zeker bevoorrecht.

Onze recensent Charles Kuijpers –en hij niet alleen- is vrijwel altijd onderbouwd enthousiast over je boeken. Vier of vijf sterren zijn gemeengoed, en een bewijs van je constante hoge kwaliteit. Daar is één uitzondering op: over het boek “Schijnvertoon” uit 2014 dat overigens toch drie, zij het bleke, sterren kreeg, was te lezen dat “het in de eerste tweehonderd bladzijden alleen maar over dokters, verpleegsters, obesitas, afvallen, zwangerschappen en echtscheiding gaat”. Hoe zie je deze opmerking?
‘Schijnvertoon’ speelt zich af in de ziekenhuiswereld en dan valt er moeilijk te ontkomen aan dokters en verpleegsters. Dit boek gaat ook over problemen met obesitas en afvallen en er zit een naargeestige echtscheiding in verweven, maar ik vind de opmerking wel iets te veel voorbijgaan aan de diepere lagen van de hoofdpersonen die in het hele boek aan de orde komen, ook in de eerste tweehonderd bladzijden. Soms pakt de strekking van een verhaal of het onderwerp de lezer niet en dat heeft ongetwijfeld gevolgen voor de beoordeling. Ik heb de recensie van Charles natuurlijk gelezen en ik waardeer de manier waarop hij de kritiek naar voren bracht. Hij speelde de bal, niet de man. Ik vond alleen de karakters toch te goed uitgediept om de term ‘chicklit’ te verdienen.

Je krijgt inspiratie voor nieuwe verhalen op allerlei alledaagse plaatsen, vaak buiten de deur zoals op een terrasje, in de duinen of in een kledingwinkel ;-). Hoe onthoud je de ideeën? Gebruik je daar hulpmiddelen bij of heb je gewoon een ijzersterk geheugen?
Soms komt er een mooie beginzin binnen en die noteer ik in een notitieschrift. Vorige week vrijdag gebeurde dat weer eens toen ik met Thora (noot DPB: de hond van Loes en Har) in de duinen liep. Uit het niets was er een zin waarvan ik direct wist dat ik hem moest onthouden. Zodra ik thuiskwam heb ik hem opgeschreven. Ik zal hem, bij hoge uitzondering, verklappen.
Toen ik die ochtend wilde gaan douchen zat de dood op de rand van de badkuip. Ik denk dat deze zin gebruikt gaat worden voor thriller 23. Hij blijft dus nog even geparkeerd, ik moet eerst thriller 22 schrijven. Maar de meeste ideeën voor verhalen zitten toch in mijn hoofd. Gelukkig heb ik nog steeds een goed geheugen.

Je nieuwste thriller “Duivelspact” krijgt ongetwijfeld weer hoge waarderingen. Een prachtig opgebouwde plot met een fraaie ontknoping maakt het boek tot een meesterwerk (het zoveelste, maar misschien tot nu toe wel het allerbeste). Vele nare menselijke eigenschappen en handelingen komen voor in het boek. Tenminste een daarvan zal bij vele lezers volstrekt onbekend zijn, toch is het werkelijkheid. Waar haal je al deze elementen toch vandaan?
De basis van ‘Duivelspact’ heeft jarenlang in mijn hoofd gezeten. Ik kende ooit een jonge man die zou gaan trouwen en die een paar weken voor de bruiloft een motorongeluk kreeg dat hij niet overleefde. Ik vergeet nooit meer één detail dat ik over dat ongeluk hoorde: hij had geen gezicht meer. Zo’n idee kan heel lang ergens in mijn hoofd liggen sluimeren tot het moment dat ik opeens een paar keer achter elkaar iets lees over een bepaald onderwerp, in dit geval seksueel misbruik. Dat vind ik gruwelijk en oninvoelbaar, maar juist dergelijke onderwerpen kunnen een verhaal precies de gewenste lading geven. Het ongeluk van lang geleden matchte met het misbruik, en zo ontstond ‘Duivelspact.’

Gebruik je een verhaal wel eens om je eigen demonen van je af te schrijven?
Reken maar van yes. Een mooi voorbeeld daarvan is ‘Zielsverwanten’. De eerste versie schreef ik vlak nadat ik was opgehouden met werken in de gezondheidszorg. De laatste periode dat ik werkte was zwaar en frustrerend en ik kon een uitlaatklep goed gebruiken. Daardoor was de eerste versie wel totaal ongeschikt voor publicatie, ik had namelijk iedereen die een rol speelde naar de eeuwige jachtvelden gestuurd. Maar daarna begon ik opnieuw en lukte het om alles wat ik kwijt wilde genuanceerd en realistisch te vertellen. Er zijn ook boeken verschenen waarin ik mijn afkeer voor dogmatisch denken de ruimte heb gegeven. En in andere verhalen heb ik afgerekend met bedrog dat me overkwam. Boeken schrijven heeft daardoor zeker iets met macht te maken, maar ik probeer die macht wel op een integere manier ruimte te geven.


Jan Jong fotografie

Geen opmerkingen: