maandag 15 mei 2017

In gesprek met Esther Boek


Als eerste willen we graag weten wie Esther is?
In 1967 ben ik geboren in de Brabantse gemeente Uden in een gezin met drie meisjes. Inmiddels woon ik in de Betuwe met mijn man en drie zonen, werk ik in de zorg rondom kinderen en breng mijn vrije tijd graag door met lezen, schrijven en een mooie stad bezoeken of een terrasje pikken.

Een auteur die een achternaam heeft als de jouwe vraagt om reacties en opmerkingen natuurlijk. Hoe is dat?
Mijn achternaam is een pseudoniem. Al verschilt hij slechts enkele letters met mijn werkelijke naam.
De reacties zijn eigenlijk allemaal positief, zeker als ik het uitleg. In het begin was ik bang dat mensen het te gezocht zouden vinden maar dit blijkt niet zo te zijn, integendeel zelfs.


Waarom heb je voor dit pseudoniem gekozen?
Het onderwerp van Geen kind meer, ligt gevoelig. Onder pseudoniem schrijven was zowel op juridisch als op persoonlijk vlak een verstandigere keus. Ik heb nog heel moeilijk lopen doen met het puzzelen van letters maar Ilse Karman van De Crime Compagnie dacht minder moeilijk, en dat bedoel ik als compliment. Als je het woord 'boek' in je achternaam hebt zitten en een boek gaat uitgeven is daarmee spelen bijna een logische stap. Ilse zag dat eerder dan ikzelf.

Het verhaal dat je hebt geschreven is er eentje van heel dichtbij he? Vertel eens?
Het boek is geschreven naar aanleiding van de beschuldiging en veroordeling van mijn zoon voor verkrachting. In hoger beroep werd hij vrijgesproken. Het opschrijven van wat er gebeurde werkte therapeutisch maar zorgde ook dat ik een positieve draai kon geven aan het gebeuren. Aandacht genereren voor de impact die het heeft als je vals beschuldigd wordt.



De impact op je gezin moet enorm zijn geweest? Hoe ga je daar nu mee om, hoe gaat het nu?
Er zal altijd een voor en een na zijn. Data zoals die van de aanhouding, de zittingen en uitspraken zijn altijd dagen die met meer emoties gepaard gaan. De mensen die we waren voor dit alles begon, zijn we niet meer en zullen we nooit meer worden. Maar daarvoor in de plaats hebben we ook veel gewonnen. We kennen onze kracht bij moeilijkheden, weten dat we op elkaar kunnen bouwen en vertrouwen. De scherpe randen zijn eraf. Toch, als ik een politieauto zie in de buurt van mijn huis, of als er
politie achter me rijdt, ben ik nog steeds bang dat ze mijn kind komen halen en de hele ellende van voor af aan begint. Dat vertrouwen is weg en ik denk dat dit nooit meer terugkomt.

Had je kunnen/durven dromen dat een verhaal als dit zó ontvangen zou gaan worden? Is het niet dubbel om succesvol te debuteren met een dusdanig persoonlijk verhaal?
Dat het zo'n succesvol debuut zou worden, dat had ik nooit durven dromen. Gehoopt wel natuurlijk. Mijn docent van de Schrijversacademie en Querido academie, Carla de Jong, had me er wel voor gewaarschuwd. Zij zei dat mijn boek weleens in kon gaan slaan als een bom. Maar ik kon me daar geen voorstelling van maken.
En ja, het is dubbel. Dit succesvolle debuut is het gevolg van een groot verdriet. Ik zou al dit succes meteen inleveren als ik daarmee het hele gebeuren ongedaan kon maken.

Hoe lang heeft het geduurd eer je het verhaal naar je zin op papier had staan? En hoe was het om buitenstaanders toe te laten in het redactieproces?
Ik heb een jaar geschreven aan Geen kind meer. Het toelaten van buitenstaanders was niet moeilijk. Maar dat kwam ook omdat de kritieken overwegend opbouwend waren, respectvol.

De recensies zijn lovend, hoe ga je daarmee om? Legt dat de lat extra hoog voor een eventueel volgend boek? Ben je daar al voorzichtig over aan het denken? Vertel??
Voorop staat dat ik me erg gezegend voel met de lovende recensies. En dat ik me bewust ben van wat ik nu ga zeggen een luxeprobleem is. Maar de lat ligt inderdaad hoog. Ik merk ook dat ik erg twijfel. Kan ik dit nog evenaren. Maar dan stel ik me ook de vraag of dat dat belangrijk is. Gewoon genieten van nu en vertrouwen hebben in wat komt.
Momenteel ben ik met twee boeken bezig. Een verhaal dat ook gebaseerd is op feiten en een fictief verhaal. Dat laatste is erg voorzichtig van start gegaan maar de personages zijn inmiddels mijn metgezellen geworden en het lukt me steeds beter ze vorm te geven. Het is een thriller, met een vrouw in de hoofdrol.

Er zijn heel veel blogs en door zichzelf uitgeroepen recensenten. Hoe filter je de juiste partijen er uit? En hoe kijk je daar tegenaan?
Dat is heel lastig. Ik kijk naar de recensies die al geschreven zijn. Passen de boeken die beoordeeld zijn bij mijn boek bijvoorbeeld. Maar ook kijk ik of de recensies die al geschreven zijn wat toevoegen. Is er een goede onderbouwing van waarom de recensent tot zijn/haar oordeel komt.
Blogs met een succesvolle Facebookpagina zijn helemaal top. Social media krijgt een steeds belangrijkere rol in het promoten van, vooral, onbekende debutanten.

Nu zijn de recensies heel lovend, maar als er onderbouwde kritiek zou zijn, hoe ga je daarmee om? Kun jij tegen kritiek?
Zelf heb ik het gevoel dat ik goed tegen kritiek kan. Mits opbouwend en respectvol. Afzeiken om het afzeiken, daar kan ik niets mee. Gelukkig heb ik dat nog niet meegemaakt.
Kritiek zie ik als compliment. Mensen hebben niet alleen de moeite genomen mijn boek te lezen maar nemen ook nog eens de moeite om tips en tops mee te geven. Dat is toch prachtig? Ik overweeg alles en filter wat bij me past van de tips en neem ze mee.

Is er iets waar jij al heel lang van droomt maar nog niet hebt gedaan? Waar wacht je dan nog op? Ga je het ooit doen?
Mijn grote droom is om nog een keer met een vliegtuig te vliegen. Misschien voor veel lezers onvoorstelbaar maar ik heb nog nooit gevlogen. Mijn ex-man wilde niet vliegen en mijn huidige man durft niet. Soms breng ik mijn kinderen naar Schiphol of haal ze op en dan ben ik jaloers op ze. Maar het gaat er van komen. Zeker weten.

Als je niet schrijft, wat doe je dan?
Lezen, wandelen met de honden, chocolade eten, vriendinnenavondjes. Eigenlijk gewoon heel kneuterig.

In Nederland is het weinig auteurs gegeven om te kunnen leven van hun schrijftalent. Zie jij jezelf ooit fulltime auteur worden, heb je die ambitie?
Ja, als het me gegeven zou zijn absoluut. Ik denk alleen dat ik eerder in dat vliegtuig zit dan dat ik kan leven van het schrijven. Nu scheelt het dat ik parttime werk en mijn man ook een salaris heeft, dus ik hoef er geen fulltime-salaris aan over te houden maar zelfs dan is het een utopie ben ik bang.

Wat betekent vriendschap voor jou?
Veel. Ik heb geen bussen vol met vrienden, maar de mensen die ik om mee heen verzameld heb zijn me erg dierbaar. Willeke, uit mijn boek, is echt mijn hartsvriendin. Met haar kan ik huilen en lachen tegelijk. Maar daarnaast heb ik nog een aantal leuke mannen en vrouwen met wie ik leuke dingen doe en lief en leed kan delen. Wat ik wel heel moeilijk vind is, nu mijn vrienden het boek gelezen hebben, ze zich schuldig voelen, het gevoel hebben dat ze er onvoldoende voor ons zijn geweest omdat zij, door het lezen, zich pas ten volle beseffen hoe zwaar het echt geweest is. Maar dat schuldgevoel is onterecht. Zij waren goud waard.



Tot slot, waar hoop jij over vijf jaar te staan in het leven?
Nou, die fulltime auteur in een vliegtuig naar een mooi land zie ik wel zitten. Maar vooral hoop ik dat mijn jongens gelukkig zijn. De oudste twee zijn dan het huis uit en wonen samen met hun liefde. De jongste zal dan net klaar zijn met zijn middelbare school en ik hoop dat hij een beroepsopleiding gevonden heeft waar hij op zijn plek is.
Mijn man en ik zitten dan samen op de bank te genieten en trekken er in het weekend op uit, op zoek naar mooie plekjes.
Zonder dramatisch te willen overkomen, maar na alles wat we achter ons hebben liggen is simpel gelukkig zijn, het grootste wat we wensen.

Dank Esther voor dit openhartige gesprek. Behalve dat het veel indruk op me heeft gemaakt heb ik enorm veel respect voor je doorzettingsvermogen om dit boek te schrijven. Heel veel succes gewenst met alles dat je nog gaat doen, hopelijk fulltime schrijvend op een tropisch eiland?

Groet Patrice


Voor de recensie van dit boek klik HIER

Geen opmerkingen: