maandag 3 juli 2017

Boek van de Maand Bookflash 'Bling Bling 2' en WIN !



Antwerpen – Sint-Jozefkerk

Wanneer Albertien uit de kerk komt, is er volop zon. Het contrast met de donkere droevige ruimte die ze verlaat, vraagt om een zonnebril. Die vergat ze mee te nemen. Terwijl ze de sjaal van haar hoofd verwijdert, zorgvuldig oprolt en in haar handtasje opbergt, kijkt ze rond. Bij het aanvangen van de mis had ze Beerke toch gezien? Omdat ze zich niet kan voorstellen dat ze verdwenen is zonder dag te zeggen, blijft ze nog even rondhangen bij de uitgang van de kerk. Is ze misschien toch binnen?
Twee mannen stappen uit het kerkportaal. Beiden dertigers met een gemillimeterd kapsel, beiden gekleed in een outfit die hun moeder echt niet zou goedkeuren voor een begrafenis. Ze overleggen kort en de ene, in een onfris uitziend paars trainingspak, wijst Albertien aan. Dan stapt de andere kerel met forse pas op haar af. De onderkant van zijn camouflagebroek is ingestopt in stevig schoeisel, daarboven draagt hij een zwart nylon bomber jacket. Een potige vent met een oorring die onderaan een tand mist. Nu dat weer. Fout lid van een motorbende of buitenwipper in een striptent. Stormtrooper bij extreemrechts of podiumbouwer bij een heavymetalgroep. Of dat allemaal tegelijk. In elk geval geen koorknaap.
Heel even probeert ze zich voor te stellen hoe ze haar aikido-ervaring in de praktijk kan brengen zonder haar nieuw gebreid gilet in de vernieling te werken.
‘U bent securitybaas voor Medusa?’ Een warme, vriendelijke stem met een vet Russisch accent.
Ze kijkt hem verwonderd aan. Kent ze hem ergens van? Ze twijfelt. ‘Nee, ik werkte bij Dia-Securis. Medusa was een van mijn klanten. Ik werk er niet meer.’
‘Kende je Sergei Tokar?’
Ze blijft hem aanstaren. Ze kent hem. Ze heeft hem nog nooit ontmoet, maar ze kent hem. De gelijkenis. ‘Jij bent zijn broer! Roman? Roman Tokar?’
Heel even verschijnt er een glimp van een glimlach op zijn sombere gezicht. Hij knikt bevestigend. ‘Kan je me helpen? Kunnen we praten?’
‘Niet hier. Steek de straat over en wacht in het midden van het park. De vijver maakt een bocht, daar staan zitbanken. Ik loop even om en zie je daar over tien minuten.’
De Georgiër zegt niets. Knikt niet ja of nee. Draait zijn gespierde lichaam honderdtachtig graden om zijn as en zet een strakke mars in naar de plek die ze heeft aangegeven.

Antwerpen – Stadspark
Albertien is helemaal door de Plantin en Moretuslei gewandeld tot bij de spoorwegbrug. Vervolgens links, helemaal het blok om. Het lange wollen gilet heeft ze uitgetrokken en draagt ze over haar arm. Ze houdt even halt voor het uitstalraam van een slager. Halal lamsvlees. Niets of niemand te zien in de weerspiegeling van het glas. Bij elke geparkeerde auto die ze voorbij wandelt, gluurt ze onopvallend even in de zijspiegel. Ze wordt niet gevolgd.
Roman Tokar zit inderdaad precies in het midden van het park, op een bank bij het brugje. Zonder hem aan te kijken gaat ze zitten aan het andere uiteinde van het bankje. Ze doet alsof ze haar mailberichten controleert. Ze gunt Roman geen enkele blijk van herkenning.
‘Wil je niet samen met mij gezien worden?’ vraagt hij met rustige, gedempte stem.
‘Niet voor ik weet waarom je mij wil zien.’
‘Ik ben hier voor Sergei.’
‘Het is mooi dat je naar België gekomen bent om afscheid te nemen. Hoe wist je dat hij vandaag begraven wordt? Zijn lichaam is pas gisteren vrijgegeven door de politie.’
‘Ik wist niet dat het vandaag zou zijn. Ik ben hier al sinds eind juni, toen ze hem gevonden hebben. Ik ben op zoek naar meer informatie over wat er met hem gebeurd is.’
‘Heb je al aangeklopt bij de politie?’
‘De politie is niet te vertrouwen. Sergei was niet met alles in orde. Je weet wat ik bedoel. Hij deelde soms meppen uit, gebruikte weleens wat. De politie houdt niet van zulke mensen. En wij niet van de politie.’
‘Onze politie is er voor iedereen. Je hoeft echt geen modelburger te zijn om bescherming te genieten. Dat is toch het belangrijkste dat we van de overheid verlangen: onze veiligheid en die van onze kinderen? Ze willen precies uitzoeken wat er met Sergei gebeurd is, en waarom. Alle stukjes informatie kunnen helpen. Het zal hen interesseren om je te ontmoeten’, verzekert ze hem.
Roman windt er geen doekjes om. ‘Mijn broer is vermoord, in stukken gehakt en als visvoer in de zee geworpen, dat stond in de krant.’
Over de hele breedte van haar voorhoofd verschijnt een rimpel. ‘Ik zag Sergei regelmatig voor het werk. Hij was koerier voor een diamantmaatschappij, Medusa. We konden het goed met elkaar vinden, maar echt nauw contact hadden we niet. Ik weet niets van zijn privéleven. Ik zie wel dat je sterk op hem lijkt. Zijn jullie tweelingbroers?’
‘Ja.’
Ze fluistert bijna. ‘De politie weet wat er met hem gebeurd is – en met zijn vriendin. Ze hebben sterke vermoedens wie de daders zijn, maar hebben voorlopig geen sluitend bewijs.’
‘Ik hoor dat drie Georgiërs hem vermoord hebben, nadat hij bestolen werd van een zending met diamant die hij moest bewaken.’
Ze blijft verder prutsen aan haar iPhone terwijl ze praat. ‘Het verhaal van die diamantroof klopt. Hij kon pas dagen later terugkomen uit Delhi. De politie heeft hem een tijdje verhoord. Toen hij in Zaventem aankwam, is hij meteen verdwenen. De politie weet precies wanneer hij op de luchthaven is aangekomen, maar daarna ontbreekt elk spoor. Tot ze hem terugvonden in de haven van Zeebrugge.’
‘Georgiërs hebben hem vermoord, dat stond in de krant.’
‘Je moet niet alles geloven wat in de krant staat. Soms hebben ze iets horen waaien bij een of andere bron bij gerecht of politie, en dat blijkt achteraf niet te kloppen. De politie stelde in een opsporingsbericht dat ze in verband gebracht worden met de moord. Dat betekent dat ze sterke aanwijzingen hebben, maar geen sluitend bewijs. Er zijn drie verdachten. Ze werkten onrechtstreeks voor de baas van Medusa, Viktor Gogua. Na de moord op Sergei zijn ze verdwenen.’
‘Ze hebben ook een familie vermoord in Parijs.’
‘Daar is in elk geval minstens de vrouw – Elisabed Medvedev – verantwoordelijk voor. Maar waarom die Fransen vermoord zijn, en waarom Sergei vermoord is, blijft voorlopig onduidelijk.’
Roman praat zonder haar aan te kijken. ‘Je moet me helpen. Tot nu toe vond ik niemand die me iets kon vertellen dat al niet eerder in de krant stond. Ik wil met zekerheid weten wie Sergei vermoord heeft, en waarom. En waar hij of zij zich bevindt.’
‘Niet hier en niet nu. Hoe kan ik je bereiken?’
‘E-mail. Wolf punt Tokar apenstaart gmail punt com.’
Ze kijkt op van haar iPhone en staart hem aan. ‘Wolf?’
‘Sergei had een groot doodshoofd met een kraai op zijn rug, ik heb een wolfskop. Die lieten we tegelijk plaatsen toen we zeventien werden. Dezelfde artiest. Zijn codenaam in het leger was Kraai.’
‘En jij bent Wolf… Waarom wil je details over de daders?’
‘Als het Georgiërs zijn, maakt jullie politie geen kans om ze te vinden. Ik wel.’
Ze kijkt hem niet aan, maar haar stem verraadt twijfel. ‘Jij wel?’
Hij kijkt strak in haar richting. ‘Wanneer kan je me meer vertellen?’
‘Kijk voor je uit: niet naar mij. Ik heb je alles verteld wat ik weet. Maar als je het goed vindt, geef ik je e-mail door aan iemand die je misschien wel kan helpen.’
‘Geen politie!’
Albertien denkt even na. ‘Je maakt het jezelf nodeloos moeilijk. Alhoewel… zolang het onderzoek loopt, zullen ze je toch niets vertellen, broer of geen broer. Ik ken iemand die je misschien wel kan helpen. Geef me tot morgen.’
‘Zie ik je terug?’
‘Dat hoeft niet. Ik wil je helpen, maar hou mij hier verder buiten.’ Ze steekt haar iPhone even omhoog. Ik stuurde je zonet een mailtje, zo houden we contact. Heb je onderdak?’
‘Ja.’
‘Geld om te overleven?’
‘Ja.’
‘Kan ik je ergens anders mee helpen?’
‘Ik wil alleen weten wie Sergei kapotgemaakt heeft, en die vrouw die hij beminde.’
‘Blijf nog enkele minuten zitten nadat ik vertrokken ben en wandel weg in de andere richting. En mijn medeleven met het verlies van Sergei. Hij was een taaie rakker, maar ik mocht hem wel.’
Ze staat op, stopt de iPhone in haar broekzak en slentert in de richting van de tramhalte.


Nieuwsgierig geworden naar ‘Bling Bling 2’ en wil jij een exemplaar winnen?
Waag dan zeker je kans door het antwoord op onderstaande vraag te mailen naar perfecteburen@gmail.com en dit vóór 14 juli middernacht.

Wat is het mailadres van Roman Tokar?  



Vergeet niet onderstaande ’spelregels’ even door te nemen en uit te voeren.
- Like de Facebook-pagina ‘Bling Bling' door op DEZE LINK te klikken 
- Like onze Frontpage HIER
- Nog geen lid van onze BESLOTEN groep, klik dan HIER  
- Zet in onze BESLOTEN groep onder deze post ‘BB2’
- De winnaar worden bekend gemaakt bij het verschijnen van het interview dat we met Jan van der Cruysse hadden op 24 juli a.s.
- Enkel in onze besloten groep wordt de winnaar bekend gemaakt
- Bij ontvangst van je gewonnen exemplaar post je een foto openbaar op je tijdlijn en op onze Facebook-groep met #BlingBling2 @Jan Van der Cruysse @WPG Uitgevers België @Boeken&Leesclub De Perfecte Buren 

2 opmerkingen:

Mireille Declerck zei

BB2 - deze wil ik heel graag winnen. Altijd interesse in Belgische auteurs.

Johan Buts zei

BB2, het is me niet geheel duidelijk of erenkel in de besloten groep op facebook moet worden gereageerd, of hier, omdat er geen link bij zit, zoals bij de 3 lijnen erboven :)