vrijdag 8 september 2017

Boek van de Maand: Aline van Wijnen blogt


Herkenning

‘Leuk verhaal!’ luidt een appje van een collega na de publicatie van het eerste deel van mijn Facebook vervolgverhaal Tijm. 'Ik herkende zelfs twee karakters.'
‘Welke dan?’ app ik verbaasd terug.
‘Sacha en Emily. Ze lijken op A. en B.’
‘Dan hoop ik maar dat A. en B. dat niet vinden want ik kan niet leven van mijn royalty's.’
Als ik mijn telefoon wegleg, denk ik na over haar opmerking. Diegene die op mijn personage Emily 'lijkt', kende ik niet eens toen dit verhaal geschreven werd. En Sacha.... Sacha is een algemeen typetje dat op elk kantoor te vinden is. Of eerder een samenraapsel van meerdere typetjes waardoor iedereen zichzelf − maar meestal een ander − erin kan herkennen. De karaktertrekjes of eigenschappen die ik onbewust van meerdere personen heb 'geleend' en aangedikt. Indrukken die door de jaren heen zijn blijven hangen totdat ze hun uiting in een personage hebben gevonden.

Altijd op scherp

‘Als schrijver ben je net een spons die alles absorbeert’ − een uitdrukking die ik van verschillende schrijvers heb gehoord, iets wat ik evengoed zelf kon hebben gezegd. Als schrijver sta je altijd op scherp. Soms expres, meestal onbewust. Indrukken, beelden, geuren − alles ervaar je anders dan diegene die niet schrijft. Het geluid waarmee treindeuren dichtgaan. Het gevoel dat een warme aanraking van een zonnestraal op je huid achterlaat. Het stopwoordje van een collega. Alles kan in een boek en uiteindelijk komt alles er ook in. Een situatie die iemand zal herkennen of een personage dat iemand denkt te hebben herkend.

De perfecte man

‘Is Max gebaseerd op jouw man?’ vroeg mijn redacteur nadat ze Liefde met gebruiksaanwijzing had gelezen. Dezelfde vraag die mij een jaar geleden vaak werd gesteld over Leon uit Halsoverkop.
Max is leuk. Een lekker ding om verliefd op te worden en heel aardig op de koop toe. Hij zal ongetwijfeld de harten van mijn lezeressen doen smelten, wat natuurlijk ook de bedoeling is. Toch is Max niet op iemand gebaseerd en zeker niet op mijn eigen man. Ten eerste hoe uitdagend zou het voor me zijn om mijn man te beschrijven als een personage van een roman? Ten tweede schrijf ik overduidelijk fictie − iets wat verzonnen is, van gebeurtenissen tot personen. En ten derde... Ik verzin mijn personage niet eens zelf. Ik luister naar het verhaal en laat het personage als het ware ontstaan, alsof hij of zij in de wereld van mijn verhalen geboren wordt en ik de eerste ben die dat personage mag ontmoeten.

Trots

Dat Max zo ‘echt’ op de lezers overkomt dat ze denken dat hij werkelijk bestaat − daar ben ik alleen maar trots op. Dat betekent dat ik een realistisch personage heb neergezet en een realistisch verhaal. De gebeurtenissen zijn fictief en toch kon het evengoed zijn gebeurd. Personages die zomaar je buren kunnen zijn of een situatie die de zus van je zwager ook heeft meegemaakt.
Dat de lezers zichzelf of bekenden in mijn personages zullen blijven ‘herkennen’ − daar heb ik me bij neergelegd. Liever dat dan onaantrekkelijke wildvreemde personages waar de lezer niks mee heeft. Althans, zolang het me mijn baan niet kost.

Aline van Wijnen 



Geen opmerkingen: