woensdag 14 maart 2018

‘Ik weet alleen mijn naam nog’ – C.J. Cooke


 
Genre: psychologische thriller
Uitgever: HarperCollins
ISBN: 9789402700930
Uitvoering: paperback
Aantal pagina's: 350
Uitgave: maart 2018


Met dank aan HarperCollins voor het recensie-exemplaar.


Op 17 maart 2015 wordt een drenkelinge aangetroffen op het strand van het eilandje Kommeno ten noordwesten van Kreta. Haar naam is Eloïse, zo verneemt de lezer direct, maar zelfs dat weet ze zelf niet meer. Ze wordt gevonden door twee mannen en twee vrouwen die op het verder onbewoonde eiland op een soort retraite zijn in een oude boerderij. Het is een bont gezelschap: de ruwe en tirannieke George, de zachtmoedige Joe, de zweverige Hazel en de goedbedoelende Sariah. Eloïse heeft schipbreuk geleden en heeft dat ternauwernood overleefd.

Op diezelfde dag wordt Lochlan Shelley op zijn werk in Edinburgh gebeld door zijn overbuurvrouw in Londen. Deze heeft opgemerkt dat de twee jonge kinderen van Lochlan, Max van vier jaar en Cressida van drie maanden, alleen thuis zijn. Hun moeder is spoorloos verdwenen. Opmerkelijk is dat al haar persoonlijke bezittingen gewoon in het huis liggen.

In “Ik weet alleen mijn naam nog” wordt in tussen Kommeno en Londen alternerende hoofdstukken beschreven hoe het de drenkelinge en de vader verder vergaat. Op Kommeno gebeuren vreemde, onlogische en soms ook onwaarschijnlijke dingen waardoor de lezer zich soms afvraagt wat echt is en wat zich in een droomwereld van Eloïse afspeelt.

In Londen zitten de rechercheurs Canavan en Welsh vader Lochlan fel op de huid omdat de ongerijmdheden zich opstapelen. Intussen ontfermen de grootouders Magnus en Gerda Bachmann van Eloïse zich over hun achterkleinkinderen Max en Cressida.

Dan zijn er enkele hoofdstukken met flashbacks naar de jonge jaren van Eloïse. De heftige gebeurtenissen in die periode bieden voer voor bepaalde veronderstellingen over de geestestoestand van Eloïse.

“Ik weet alleen mijn naam nog” is een hoogst merkwaardig boek. Op de achterflap schreeuwen de loftuitingen je tegemoet. Van de hand van C.J. Tudor wier boek “De krijtman” op dit moment zelf een ware hype is, valt onder meer te lezen: “Dit móét je lezen. Zo verschrikkelijk goed en slim.”
En een quote als “hoe goed ken je je partner echt?” is ook zeker prikkelend te noemen.

Veel lezers zullen die ervaring echter niet delen. In een alleszins redelijke maar zeker niet onderscheidende schrijfstijl ontvouwt zich een verhaal met vele onwaarschijnlijke en nauwelijks verklaarbare gebeurtenissen. Het optreden van sommige personages is bij tijd en wijle tamelijk ongeloofwaardig. In de loop van het boek wordt wel duidelijk dat psychische aandoeningen mede een rol spelen in de gedragingen. Een dissociatieve identiteitsstoornis moet mede de verklaring zijn voor het afwijkende gedrag van de drenkelinge.

De elementen die de samenhang tussen de gebeurtenissen moeten verklaren, zijn soms toch écht te vergezocht. Datgene wat er gebeurt op 17 maart 2015 in Londen én vrijwel tegelijkertijd op Kommeno, is niet alleen hoogst opmerkelijk maar ook logistiek vrijwel onmogelijk. 

Voor de échte kenners van een afwijking als DIS zal het wellicht allemaal nog wel kunnen, voor de argeloze goedwillende lezer van een als psychologische thriller aangeduid boek wekt de plot echter bepaaldelijk geen sterke indruk. Of misschien juist wel: het is een “sterk verhaal” in de betekenis van een ongeloofwaardig en daardoor niet aansprekend verhaal. “Ik weet alleen mijn naam nog” van C.J. Cooke brengt niet de euforie die het belooft, en krijgt twee sterren.   
   
Charles Kuijpers – recensent De Perfecte Buren

Geen opmerkingen: