vrijdag 27 maart 2020

‘De wasbeer’ – Aleksandr Skorobogatov

 

Genre: literaire roman
Uitgever: De Geus
ISBN: 9789044542974
Uitvoering: paperback
Aantal pagina's: 540
Uitgave: februari 2020

Hartelijk dank aan Uitgeverij De Geus voor het beschikbaar stellen van dit recensie-exemplaar.

In dit zowel hilarisch als droevig boek fungeert een wasbeer als hoofdpersonage. En figureert hij als een soort van ‘een klein mens’. De sympathieke en kwetsbare wasbeer heeft dromen die onuitvoerbaar zijn, maar hem tegelijk de kracht geven om de wrede wereld te overleven. Zo wil hij graag zelfstandig vliegen, waarbij hij vooral niet van ophouden weet. Hij beschermt zijn kepie, een soort petje, tegen duiven en verwijdert zijn vlooien. Dit alles stelt niets voor wanneer zijn grote liefde in opgezette vorm in het museum belandt. Daarop stelt de wasbeer alles in het werk om zijn geliefde te redden en terug onder de levenden te brengen.

Mening
Met De wasbeer heeft de in Antwerpen wonende Rus Aleksandr Skorobogatov zijn derde boek neergezet. Het gaat om een moderne fabel, die zowel hilarisch als melodramatisch is. Alsook ironisch. Al maakt het lijve boek, met 540 pagina’s, het wel een verhaal van lange adem.

Het is in het begin even wennen wanneer je aan het boek begint. Een wasbeer als hoofdpersonage van een roman, dat zie je niet vaak. Het is dan ook de bedoeling dat je in de wasbeer een gewone, kleine man ziet. Eens soort antiheld ook. Iemand die erg veel tegenslagen heeft, maar ondanks alles telkens vastbesloten verder gaat. En óf onze wasbeer extreem veel klappen krijgt! En dan is dit nog maar heel zachtjes uitgedrukt.

De verhaallijn draait volledig rond onze reeds genoemde wasbeer. Je volgt hem als lezer op zijn pad met avonturen en tegenslagen, waarbij hij telkens weer opkrabbelt. Het verhaal wordt als een soort levensverhaal verteld, waarbij er af en toe teruggekeken wordt naar een eerdere periode van de wasbeer. Zoals toen hij wees werd of wou leren vliegen. Maar waar het uiteindelijk om gaat, is dat hij de liefde van zijn leven heeft gevonden, die door zijn eigen stomme fout de weg richting mensen – en een leven als opgezet dier in het museum – koos. Na het nodige treuren en doemdenken besluit hij haar op te zoeken en alles op alles te zetten om haar (levend) mee naar huis te krijgen. Ondertussen maakt hij allerlei absurde dingen mee, die vaak heel erg overdreven zijn. De wasbeer maakt letterlijk ongeloofwaardige avonturen mee. Vaak hilarisch, maar soms ook droevig en ernstig.

Het vertelperspectief gebeurt vanuit de derde persoon. Zo is de wasbeer vaak aan het woord, gezien het verhaal over hem gaat. Speciaal is echter het gebruik van een verteller, dat het levensverhaal van de wasbeer als het ware aan ons, de lezers, vertelt. En alsof hij zelf een soort personage is, stuurt hij mee naar waar het verhaal gaat, door bijvoorbeeld dieper over de filosofie van het leven na te denken, of te lang en te diep in te gaan op onbelangrijke zaken. Daarbij merk je ook emoties op bij de verteller, en het is zijn bedoeling dat wij als lezer dit ook voelen. We worden als het ware in het verhaal betrokken. Dit alles is leuk, maar het maakt het verhaal moeilijker om te lezen en te volgen. Het verhaal is ook op een vrij hoog intellectueel niveau geschreven, wat het geen gemakkelijk en vlot te lezen boek maakt.

Het hoofdpersonage, de wasbeer, is extreem goed neergezet in het verhaal. Het is ook daarmee dat het verhaal deels staat of valt, met hoe ‘echt’ onze wasbeer overkomt, en hoe goed we ons ermee kunnen associëren. Je kunt het karakter van de wasbeer omschrijven als: lief, goedgelovig, naïef, gevoelig, schuw, meelevend, maar tegelijk ook dapper en beschikkend over een extreem groot doorzettingsvermogen. Hij draagt een kepie met kokarde van zuiver goud, iets waar hij zich, zeker in het begin bijzonder aan hecht. Net zoals zijn droom en onvermoeibare pogingen om ooit te kunnen vliegen. ‘Dat hij maar niet met al zijn uitrusting van de eik tuimelt,’ merkt u op, om het volgende ogenblik van gruwel en verbazing uw mond te bedekken met uw handpalm. Blz. 116

Oordeel
Ik vond het een bijzondere ervaring om De wasbeer van Aleksandr Skorobogatov te lezen. Het was heel erg wennen aan de bijzondere schrijfstijl, waarbij ik het gevoel had persoonlijk bij het verhaal betrokken te geraken. Dat vond ik wel leuk, zo ontdekte ik weer eens iets nieuws. Ik ben alleszins fan van deze dappere wasbeer. Ook houd ik wel van verhalen die wat humor en sarcasme bevatten. Alleen mag daar niet in overdreven worden, wat hier helaas wel zo is. Het verhaal was soms zo absurd dat ik het niet eens meer grappig vond. Zoals bepaalde passages waar God als personage erbij kwam. Alleen het slot, dat een parodie is van een passage uit de Bijbel, vond ik wel leuk bedacht. Daarnaast mocht het verhaal van mij ook een stukje korter zijn, nu werd er teveel in detail gegaan, waardoor ik vaak mijn concentratie verloor. Zeker door het moeilijke taalgebruik. Dat is jammer, want De wasbeer heeft wel degelijk positieve elementen en een enorm potentieel. Daarom krijgt het boek van mij 2½ sterren.

Severine 
Perfecte Buren


donderdag 26 maart 2020

Boek van de maand Roelant meets ... Lieneke Dijkzeul









Na jaren is er weer een nieuw boek met inspecteur Paul Vegter verschenen. Een mooie gelegenheid om de auteur, Lieneke Dijkzeul, op te zoeken. We hebben afgesproken in een rumoerig cafeetje, midden in het centrum van Culemborg. Wat meteen opvalt, is haar mooie, warme stem, zonder een zweempje accent.

Lieneke: ‘Hoewel ik in Sneek ben geboren, praat ik geen Fries. Wij spraken thuis gewoon Nederlands. Ik kan het Fries wel verstaan en goed lezen, maar spreken is toch iets anders. In mijn boeken gebruik ik het wel hier en daar. Voor Talsma is het leuk. Als er iémand Fries is, is het Talsma wel. Dan is het leuk om er af en toe iets Fries in te stoppen. Maar dat moet ik wel opzoeken in een Fries woordenboekje.’

Roelant: ‘Hoe lang heb je in Friesland gewoond?’

Lieneke: ‘Toen ik begin twintig was, ben ik naar Amsterdam verhuisd en nooit meer teruggekeerd. Maar Sneek was een leuke plaats met aardige kroegen en leuke koffietentjes waar je gezellig kon afspreken. Het was heel gemoedelijk. Veel leuker dan Leeuwarden destijds.’

Roelant: ‘De mensen lijken daar minder haast te hebben. Je hebt ergens gezegd dat je het tegenwoordige leven zo jachtig vindt. Dat je zou willen dat de tijd wat langzamer zou gaan.’

Lieneke: ‘Ja, dat is ook zo. Het moet tegenwoordig allemaal ongelooflijk snel. Gelukkig valt dat in Groningen, Friesland en Drenthe nog wel mee.’

Roelant: [aanvullend] ‘En Limburg?’

Lieneke: [lachend] ‘Limburgers zijn uitermate traag. Dat is weer het andere uiterste. Maar verder moet alles snel tegenwoordig. Het wordt er allemaal ook niet vriendelijker op ook. Mensen zijn bot. Dat is ook de reden dat ik geen gebruik maak van Twitter en Facebook en dergelijke. Mijn man heeft een Facebook-account en als je ziet wat er langs komt… Dan denk ik: zo ga je niet met elkaar om. Men braakt maar iets uit. De helft anoniem ook nog. Bedreigingen zelfs. Zoveel ontevreden mensen. En dat wordt dan aangewakkerd door Forum van Democratie, PVV, noem maar op.’

Roelant: [lachend] ‘Je licht al een klein tipje van de sluier van je politieke voorkeur op.’

Lieneke: ‘Nou ja, hoe ouder je wordt, hoe cynischer natuurlijk.’

Roelant: ‘Is dat zo?’

Lieneke: ‘Ja, ik wel. Je hebt alles al heel vaak langs zien komen. Ook alle schone beloften van politici waar nooit iets van terecht komt. Ook al weet je dat eigenlijk wel, je wordt er toch telkens door teleurgesteld. Als je ouder wordt zie je veel mensen om je heen doodgaan. Ik heb dat gezien met mijn schoonmoeder bijvoorbeeld. Ze werd hulpbehoevend, maakte niets meer mee. De bezoekjes van kinderen en kleinkinderen waren verplichte nummers. Kennelijk verlies je dan de interesse in de buitenwereld. Je volgt de politiek niet, leest geen krant meer. Er verandert niets voor je gevoel. Politiek bedrog is van alle tijden. Haat en nijd, oorlog.’

Roelant: ‘Qua wereldleiders zitten we nu in een slechte tijd: Trump, Putin noem maar op.’

Lieneke: ‘Ja, ik zie dat met angst en beven tegemoet. Mijn tijd zal dat wel uitduren, maar ik heb ook kleinkinderen. Dat gewetenloze van die leiders is zorgwekkend. Zo’n Trump heeft een vocabulaire van misschien 500 woorden. Ongelooflijk dat hij president kon worden. En dat na Obama, toch een toonbeeld van beschaving.’





Roelant: ‘Als we even terug in de tijd gaan. Begin twintig ben je naar Amsterdam gegaan. Ging je studeren?’

Lieneke: ‘Nee, ik ging meteen werken. Op Schiphol. Kamer gezocht en gevonden in Amsterdam. Dat was een heerlijke tijd, jaren 70. Hippie tijd. Daar mijn man ontmoet. Hij werkte destijds in een distributiecentrum voor boeken in Hoofddorp. Dat werd overgenomen door Centraal Boekhuis. Die zaten in Culemborg. Ik moest eerst opzoeken waar dat lag. Verhuizen van Amsterdam naar Culemborg was best een flinke stap. Anderzijds liggen je wilde jaren een beetje achter je. Onze relatie was stabiel. En als je dan kinderen wil, liever niet in Amsterdam. De huisvesting was toen al beroerd. We woonden toen in een souterrain op de Keizersgracht. Mijn man vond zijn werk leuk, zodat we zijn meeverhuisd naar Culemborg. Daar hebben we eigenlijk nooit spijt van gehad. In het begin was het héél stil, zo komend uit Amsterdam. Je dacht: gebeurt hier wel iets? Maar we kregen wel een goed huis met een tuin. Dat was een enorme vooruitgang. Zeker die tuin was heel plezierig. Was het in het begin wennen, nu appreciëren we de rust enorm. Mijn man is geboren en getogen Amsterdammer, maar vindt het nu een vreselijke stad. Ik vind een dagje Amsterdam nog wel leuk om familie of vrienden te bezoeken. Of een keertje naar het Concertgebouw.’

Roelant: ‘Je hebt eens gezegd dat je van alleen zijn houdt. Je schrijft het liefste ’s avonds en ’s nachts.’

Lieneke: ‘Ja, ik vind dat prettig. De wereld slaapt en ik ben wakker. Altijd gehad. Voor het schrijven is dat heel prettig. In de zomer schrijf ik de laatste tijd wat meer overdag, omdat ik dat in de tuin kan doen. Ik schrijf alles met de hand. Ik ben teruggegaan naar het oude handwerk. Ik heb gemerkt dat dat de concentratie versterkt. En dat werk ik dan ’s avonds uit in mijn werkkamer op de PC. Dat print ik en ga ik het nakijken. Dan heb je al een beetje afstand tot de tekst gemaakt. Dan zie je scherper wat nog niet deugt en wat nog aangepast moet worden. Zo maak ik kopie na kopie na kopie.’

Roelant: ‘Als lezer merk je dat jouw boeken heel erg gestript zijn. Er zitten geen overbodige woorden in, de tekst is helder en compact. Qua stijl moet ik zelfs aan Hemingway denken, die zijn teksten altijd terugbracht tot de essentie.’

Lieneke: ‘Dat vind ik wel een compliment!’

Roelant: ‘Dat vind ik ook, want Hemingway is mijn held. Die korte, kernachtige zinnen, die bespiegelingen.’

Lieneke: [lachend] ’Ik begrijp het wel. Het is een beetje arrogant, maar ik begrijp wel wat je bedoelt. Die schitterende dialogen van hem. Ik heb er veel van gelezen en kan daar erg van genieten. Nog één zo’n compliment en ik heb de fles wijn die je voor me meegenomen hebt echt verdiend, hahaha.’

Roelant: ‘Je bent begonnen met kinderboeken. Ook de Okki en de Taptoe…’

Lieneke: ‘En de Donald Duck. Ja, korte verhalen. Je moet ergens beginnen en je weet niet van tevoren of je het kunt. Je begint niet meteen met een boek. Je kijkt eerst naar het aantal woorden dat je mag gebruiken. Dat is al een uitdaging, om te kijken of je binnen die beperking kunt blijven. Als dat allemaal lukt, is het wel geweldig dat je wordt betaald voor wat je schrijft. Dat herinner ik me nog heel goed, dat was ontzettend leuk. Zoiets is heel bemoedigend.’

Roelant: ‘Hoe oud was je toen?’

Lieneke: ‘Achter in de dertig. Mijn dochter was een jaar of zeven. Dat is de tijd dat ik ben begonnen met schrijven. Ik las haar ontzettend veel voor. Er waren toen ook al heel veel goede kinderboeken, maar je kwam ook veel troep tegen. Zo slecht geschreven… Dat ik echt dacht van, nou…’

Roelant: ‘Dat kan ik beter.’

Lieneke: ‘Precies. Nou dan moet je het doen ook. Een paar jaar vingeroefeningen gedaan zeg maar. En daarna de stoute schoenen aangedaan en opgestuurd. Dat kleuterblad Bobo, hele series voor geschreven. Vervolgens aan een boek begonnen. Maar, nee. Ik voelde mijzelf op Annie MG Schmidt lijken en dat moest ik niet doen. Weggegooid en opnieuw begonnen. Daarna opgestuurd naar twee uitgeverijen tegelijk. Die wilden het allebei hebben. Ik heb toen voor Lemniscaat gekozen.’

Roelant: ‘Een gerenommeerde uitgever van kinderboeken!’

Lieneke: ‘Ja, de grote namen zaten daar. Jan Terlouw, Thea Beckman, enz. En toen rolde het balletje. Heel veel jaren gedaan. Daarnaast scenario’s en liedjes voor kinderen geschreven voor televisieprogramma’s. Dat heb ik ook een jaar of vijftien gedaan. Tot er een bezuinigingsronde bij de publieke omroep kwam, waarin alleen herhalingen werden uitgezonden. Zodoende kreeg ik opeens veel tijd. Eindelijk tijd om mijn werkkamer eens op orde te brengen. Kwam ik een kort verhaal, dat ik ooit eens geschreven had, tegen. Ik las dat. Het was niet heel best, maar het leende zich wel voor iets veel groters. Het had iets in zich waar ik verder mee aan de slag kon. Ik had op dat moment de tijd. Ik begon al om tien uur in de ochtend te schrijven, wat normaal niets voor mij is, zo vroeg. Maar het was ontzettend leuk om te doen. Ik zat helemaal in de flow. Dat werd De Stille Zonde. Het was ook een soort eyeopener voor mijzelf. Als je voor volwassenen schrijft, kun je je hele vocabulaire aanschrijven. Elk onderwerp dat je maar wilt. Ik heb jarenlang gezegd dat ik nooit voor volwassenen zou gaan schrijven omdat kinderen een veel leuker publiek zijn. Maar na dat boek werd het een ander verhaal. Ik liet het lezen in huiselijke kring en die waren ook enthousiast. Vervolgens aan Ambo-Anthos aangeboden en de rest is geschiedenis. Je kunt natuurlijk jezelf kleiner maken dan wie je bent door dingen niet te durven. Maar als je iets niet probeert….’






Roelant: ‘Het genre dat jij schrijft, de politieroman, wordt in Nederland niet zo heel veel gedaan. De sfeer in jouw boeken is heel Scandinavisch. Ik moet denken aan Henning Mankell met zijn Wallander reeks. Cynisch, duister.’

Lieneke: ‘Dat is waar. De Zweden zijn nu eenmaal niet de vrolijkste mensen. Ik kan me dat ook voorstellen met dat klimaat, hahaha. Ik ben bevriend met Inger Frimansson, een Zweedse thriller auteur. Haar boeken vind ik erg goed. Vergelijkbaar met mijzelf is zij óók begonnen met het schrijven van kinderboeken. Die Zweedse taal is bijzonder aantrekkelijk. Via haar Zweedse kinderboeken heb ik een beetje Zweeds geleerd. Dat lukte wonderwel. Het is een mooie taal, verwant aan het Fries. Tegenwoordig lees ik ook haar thrillers in het Zweeds. Ik ben ook een groot bewonderaar van de boeken van Sjöwall & Wahlöö.’

Roelant: ‘Klassiekers, absoluut. Grappig ook hoe in hun boeken de politie er soms helemaal niet uitkomt en dan door een toevalligheid de zaak opgelost wordt. Niks geweldig politiewerk.’ [we lachen uitgebreid]

Lieneke: ‘Ja! Ik moet opeens aan Raymond Chandler denken. [noot interviewer: Chandler=een beroemd Amerikaans misdaadauteur uit het midden van de vorige eeuw] Ik vind zijn boeken volstrekt onleesbaar trouwens, want je bent absoluut de draad kwijt. En dat was hij zelf óók. Een beroemde uitspraak van hem was dat wanneer hij het kwijt was of er niet meer uit kwam, dan liet hij een deur opengaan in zijn verhaal en kwam er een vent binnen met een pistool. Dan kon hij weer door. Dat proefde je bij Sjöwall & Wahlöö ook wel een beetje. Er zitten heel zwakke plekken in hun boeken, maar je smult er wel van.’

Roelant: ‘Wat zij ook in hun boeken gestopt hebben, is een flinke portie maatschappijkritiek. Dat doe jij minder, of anders. Jij zet mensen neer die eenzaam zijn, die slecht behandeld worden door het systeem.’

Lieneke: ‘Ja, dat is meer mijn thema. Het kleine, individuele leed. Dat vind ik prettiger. Ik doe het liever op microniveau. Ik heb niet de behoefte om de maatschappij aan de kaak te stellen. Althans, niet in die grote lijnen. Mijn schoonvader heeft 41 jaar bij de politie gewerkt. Daar hoorde ik af en toe verhalen van waarvan ik dacht, dit kan eigenlijk niet. Maar hij had daar totaal geen moeite mee. Talsma in mijn boeken doet hetzelfde. Een goede, integere politieman die desondanks af en toe dingen doet die buiten het boekje zijn. Op de een of andere manier spreekt me dit wel aan. Er is een soort recht buiten de wet. En daar ben ik het wel mee eens, binnen bepaalde grenzen.’

Dank je wel, Lieneke, voor dit heerlijke gesprek.

Roelant
Perfecte Buren 

Meegedaan met de winactie? Kijk dan snel of jij een van de gelukkige bent die binnenkort een exemplaar in zijn brievenbus mag verwachten. 
Proficiat Marja Legius - Marian Boersma - Marc Caluwé - Jannie Weerts - Anton van Alphen
Het antwoord op de vraag is Klaas en Wolf.


Lees HIER de recensie 'Een vorm van verraad' 


woensdag 25 maart 2020

Blogtour 'Home, Rémi versie 3.0' - Lara Reims







Genre: Young Adult (15+)
Uitgeverij: Hamley Books
ISBN: 9789463967174
Aantal pagina’s: 389
Uitvoering: hardcover
Verschijningsdatum: maart 2020

Met dank aan Uitgeverij Hamley Books voor het recensie-exemplaar.

WAT DOE JE ALS JE DE KANS KRIJGT OPNIEUW TE BEGINNEN?

Het verhaal
Na de laatste gebeurtenissen heeft Rémi het moeilijk. Hij worstelt met de onverdraaglijke wetenschap dat er iets helemaal mis is gegaan en dat hij het moment om daar iets aan te doen aan zich voorbij heeft laten gaan. Hij voelt zich schuldig en maakt zich verwijten. De enige die hem gerust zou kunnen stellen is er niet meer. Ondertussen moet hij zich voorbereiden op zijn examen om over te gaan naar de volgende klas en een medoot te worden. Om de leerlingen te helpen de indrukwekkende hoeveelheid kennis in hun hoofd te krijgen, wordt iedere leerling bijgestaan door een op maat gemaakte kunstmatige intelligentie. Deze weet precies wat de sterke en zwakke punten van de leerling zijn en zal helpen met het zo goed mogelijk voor te bereiden van het examen.

Rémi vindt een iPad met daarop informatie over zijn eigen verleden. Hij vindt elke keer kleine stukjes informatie over zijn oude leven, het lijken wel aanwijzingen, die aanvoelen als puzzelstukjes. Wil iemand hem op deze manier een waarschuwing sturen of zit Zeger erachter? Dit beangstigt hem, maar Rémi besluit desondanks met behulp van zijn vrienden op onderzoek uit te gaan.

Conclusie
Ik heb erg uitgekeken naar dit derde deel en Lara Reims heeft wederom een spannend boek geschreven. Helaas is Home alweer het slot van een trilogie. Het verhaal is vooral in het begin intens qua emoties na de gebeurtenissen uit het tweede deel van de serie. Lara Reims weet uitstekend de gevoelens van Rémi neer te zetten, ik had een brok in mijn keel tijdens het lezen, ik had het erg met hem te doen. Ook in dit deel maakt Rémi een grote groei door, hij begint verbanden te leggen wat zijn verleden betreft en gaat inzien welke gevolgen deze zullen gaan hebben voor zijn verdere leven.

Sommige stukjes zijn geschreven vanuit een ander perspectief dan dat van Rémi. Je weet echter niet wie het is, dit maakt het verhaal lekker geheimzinnig en zet je aan het denken wie het zou kunnen zijn. Deze stukken vallen direct op omdat zij een schuingedrukt lettertype hebben.

De schrijfster gaat in dit deel dieper in op genetische manipulatie en wat dat kan betekenen voor de mensheid, vooral als het in verkeerde handen zou vallen. Bepaalde scènes waren zo geheimzinnig en daardoor meeslepend dat ik wel door móést lezen.

Lara Reims heeft met Home wederom een fantastisch en spannend boek geschreven. Ze heeft mij enorm verrast met dit boek en het zeer goede einde waarbij alles op zijn plaats valt in dit laatste deel. De drie delen van de serie vormen gezamenlijk een zeer goed verhaal. Ik ga Rémi, Emma en de andere personages missen! Ik geef Home- Rémi versie 3.0 graag 4,5 sterren.

Jeanine
Perfecte Buren

Lees HIER de recensie ‘Upgrade - Rémi versie 1.0’
Lees HIER de recensie ‘Black-out - Rémi versie 2.0’






‘De stilte van eenzaamheid’ – Sandra Berg



Genre: roman
Uitgeverij: Zomer & Keuning
ISBN 9789020535846
Aantal pagina’s: 222
Uitvoering: hardcover
Verschijningsdatum: maart 2020

Met dank aan Uitgeverij Zomer &Keuning voor het leesexemplaar.

Sandra Berg is een Nederlandse schrijfster die woont en werkt in Zweden. In haar nieuwste boek De stilte van eenzaamheid neemt ze ons mee naar Finland.

De stilte van eenzaamheid is het verhaal van Paula, vanuit haar perspectief is het hele boek geschreven. Paula is een vrouw van middelbare leeftijd, getrouwd met Otto, moeder van Tiina en dochter van Tanja. Het is stil in Paula, ze heeft het vermogen verloren om echt contact te maken. Otto is van haar vervreemd en wil gaan scheiden. Tiina woont op kamers en komt amper nog thuis, ze stelt het voortdurende commentaar van Paula niet op prijs. En commentaar heeft ze, op alles en iedereen die zich niet aan de regels houdt. Regels die bepalen hoe dingen horen. Regels die in het hoofd van Paula zijn ontstaan en die haar nu gijzelen, een verbitterd en naar mens van haar maken. En dat is allemaal gekomen sinds het verdwijnen van haar oma Eelia dertig jaar geleden.

Haar oma bij wie ze praktisch is opgegroeid, was opgenomen in het reumaziekenhuis in Heinola. Op een nacht verdwijnt ze, zonder ook maar één spoor achter te laten, uit het ziekenhuis. Er wordt nooit meer iets van haar vernomen en men denkt dat ze overleden is. Deze verdwijning heeft heel veel invloed gehad op Paula. Haar ouders, vooral haar moeder, hielden zich erg bezig met de mysterieuze verdwijning. Er was geen ruimte voor het verdriet van Paula. Ook later niet toen haar ouders gingen scheiden. Paula’s verdriet is onzichtbaar geworden en haar woede daarna ook.

Elk jaar op 13 september, de dag van de verdwijning van Eelia, komt het kleine gezinnetje bij elkaar bij het voormalige ziekenhuis om oma Eelia te gedenken. Dit jaar is het dertig jaar geleden en nog steeds weet niemand wat er nou precies gebeurd is. Paula heeft het gemis van oma Eelia nog steeds niet kunnen verwerken. Dan ontvangt ze een brief van een notaris over een erfenis die iemand haar heeft nagelaten. Op advies van Otto onderneemt Paula de reis naar Puumula.

De erfenis heeft met oma Eelia te maken en brengt haar naar een klein eilandje, Helmisaari, met een verweerd huis, een ‘stuga’, erop. Het is daar dat Paula zichzelf weer langzaam leert ontdekken. Vanuit het verleden spreekt oma Eelia daar tegen haar: ‘Je bent een Fin, Paula. Je hebt ‘sisu’, de kracht die diep in je verborgen ligt. Dat waar je je aan vast kunt grijpen, als alles verloren lijkt. Iedere Fin heeft het. Dat is wie we zijn. Maar soms vergeten we dat weleens. Misschien heb je inmiddels je eigen ‘sisu’ gevonden. Maar als dat niet zo is, moet je ernaar zoeken. Vandaag. Niet morgen. Niemand weet wat morgen is. Je hebt alleen vandaag. Zorg ervoor dat je het niet tussen je vingers door laat glippen. Ik hou van je Paula. Zoals ik ook van je moeder houd en zelfs mijn kleindochter al een plekje in mijn hart heeft gekregen.’ Paula kan niet anders dan daar op dat kleine eilandje Helmisaari haar ‘sisu’ gaan zoeken, in de stilte van de eenzaamheid. Komt ze er ook achter wat er nu werkelijk met oma Eelia is gebeurd?

Mijn mening
Op de cover zien we een ‘stuga’, een vakantiehuisje. Het ziet er mooi en niet verwaarloosd uit. Zou Paula het opgeknapt hebben? Is het de ‘stuga’ op Helmisaari? De titel De stilte van eenzaamheid, is prachtig gekozen. In de stilte van eenzaamheid vindt Paula zichzelf terug terwijl ze eerder steeds daarvoor op de loop is gegaan.

Deze roman is gebaseerd op de waargebeurde verdwijning van de 78-jarige Aili Sarpio uit het reumaziekenhuis in Heinola, Finland. Een mooi gegeven wat zich prima leent voor een mysterieus plot. Dat is kenmerkend voor de romans van Sandra Berg. Het karakter van Paula wordt sterk uitgediept, de andere personages blijven oppervlakkig. Wat mij betreft had het tempo van het verhaal wat hoger gemogen en de karakterontwikkeling van Paula wat minder. Nu valt de auteur regelmatig in herhaling en krijg je zelfs een beetje hekel aan Paula, omdat ze zo in haar slachtofferrol zwelgt. Gelukkig wordt het naar het einde toe beter, maar er had volgens mij meer in gezeten dan de drie sterren die ik nu geef.
  
Jeannie
Perfecte Buren


dinsdag 24 maart 2020

WIN 'Boem Boem 2 - Bloedbad in Beringen' - Jan Van der Crusse



Deze week verschijnt bij Manteau - Standaard Uitgeverij Boem Boem 2 – Bloedbad in Beringen van Jan Van der Cruysse. Helaas kan de boekvoorstelling - die normaal plaats vond in Standaard BoekhandelAntwerpen - om gekende reden niet doorgaan. Maar niet getreurd! Wij hebben iets leuks voor jullie in petto, want dankzij de uitgever mogen wij maar liefst 3 Boem Boem 2 exemplaren weggeven. Naar goede gewoonte moet je daar ook een ietsiepietsie voor doen. Hieronder lees je hoe en wat. Succes!

Het verhaal

Na Boem Boem 1 - Aanslag in Antwerpen is dit het tweede en laatste deel in de Boem Boem-serie. De gruwel zet zich verder in een duikcentrum in het Limburgse Beringen. Uiteindelijk werpt een oud dossier over de verdrinkingsdood van een moslimmeisje nieuw licht op de zaak. Zullen speurders Hannelore, Alice en Nina de daders snel genoeg vinden om een gigantische aanslag met drones en handgranaten te vermijden?

In een vorig leven was Jan Van der Cruysse woordvoerder van... Ja, van wat? Gevonden?

- Mail je antwoord naar perfecteburen@gmail.com

- Zet in het onderwerp het antwoord

- Geef je naam en adresgegevens mee als ook je gebruikersnaam op Facebook

- Om kans te maken dien je lid te zijn van onze BESLOTEN groep op Facebook

- Nog niet? Dat kun je in één KLIK

- De winnaars maken we bekend op onze besloten groep maandag 6 april

Lees jij mee met de leesclub 'Koud zonder jou' - Igor Znidarsic



Op klaarlichte dag wordt in de Achterhoek een vrouw van haar fiets gesleurd en ontvoerd. Een dag later treft een wandelaar haar naaktelichaam aan in het bos. Het is doorboord met messteken en op haar onderarm zijn cijfers gekrast. Een paar weken later verdwijnt in dezelfde regio opnieuw een fietsster. De vrouw is door verdrinking om het leven gebracht, met een speelkaart in haar hand geklemd.

Ondanks intensief speurwerk van de recherche blijft de toedracht een mysterie. Dan valt er een derde slachtoffer. De rechercheurs vermoeden dat het steeds om één dader gaat: de drie slachtoffers waren allen stevige vrouwen met lang blond haar van een jaar of veertig. 

Wij zoeken vijf lezers voor deze leesclub! 

KarakterUitgevers geeft vijf fysieke leesexemplaren beschikbaar gesteld. Wil jij meelezen, lees dan eerst de voorwaarden.

Voorwaarden leesclub  

- In de week van 6 APRIL – bij het verschijnen van Koud zonder jou - starten we met lezen en dus ook de actieve deelname in de groep 

- Tijdens de duur van de leesclub doe je actief mee met de discussies/vragen in de daarvoor bestemde Facebookgroep. De duur van de leesclub is 3 weken (beginnen na ontvangst van het boek)

- In ruil voor het boek schrijf je een recensie die minimaal uit 250 woorden bestaat, excl. achterflap

- Je plaatst tijdens de duur van de leesclub minstens één foto van je boek op sociale media (openbaar op FB, Twitter en Instagram) Natuurlijk mag je altijd meer dan 1 foto plaatsen, bv bij ontvangst, tijdens het lezen, …. Laat je fantasie gerust de vrije loop ;-) Tag @Karakter Uitgevers - @Igor Znidarsic en tag ons @Perfecte Buren

- Je recensie dient uiterlijk 3 weken na ontvangst van het boek in het bezit te zijn van Perfecte Buren

- Je deelt je recensie op Hebban, Bol, Goodreads, openbaar op je eigen tijdlijn op Facebook, … nadat je van ons een datum krijgt

Lijkt het jou leuk om mee te doen? Meld je dan aan via perfecteburen@gmail.com en vertel ons waarom jij dit boek wilt lezen en mee wilt doen met deze leesclub. Zet in het onderwerp ‘Koud zonder jou’ en stuur je mail voor 30 maart 2020.

Vergeet je naam en adresgegevens niet!

Als je uitgekozen wordt krijg je een berichtje en een uitnodiging voor de besloten Facebookgroep.

Severine zal deze leesclub – samen met Karin Teirlynck - coördineren.

maandag 23 maart 2020

‘Dans om de troon’ – Marianne en Theo Hoogstraaten



Genre: historische roman
Uitgever: De Crime Compagnie
ISBN: 9789461094056
Uitvoering: paperback
Aantal pagina’s: 315
Uitgave: januari 2020

Dank aan Uitgeverij De Crime Compagnie voor het toesturen van dit recensie-exemplaar.

Een nieuw boek van het schrijversechtpaar Hoogstraaten is telkens iets om weer naar uit te kijken. Of het nu thrillers of historische romans betreft, hun verhalen staan altijd garant voor uren leesplezier. De laatste tijd zijn het vooral hun historische romans die in zeer goede aarde vallen en toen Dans om de troon onverwacht op de mat viel was dat dan ook een oprechte verrassing. Het nadeel is dan wel dat zo’n boek blijft roepen om gelezen te worden en dus krijgt het al snel voorrang op ander leesvoer.

In Dans om de troon worden we meegenomen naar het Normandië van 1064. De tijd waarin Willem de Veroveraar aast op de Engelse troon en zich gesterkt voelt door zijn reputatie én die van zijn vrouw Mathilde van Vlaanderen, Hertogin van Normandië. Het heeft er alle schijn van wanneer Koning Edward komt te overlijden dat Willem, ook Hertog van Normandië, de aangewezen troonopvolger is.

Isa is een verre nicht van Willem en speelde geen rol aan het hof. Opgegroeid ver van alle koninklijke poespas heeft zij een andere opvoeding genoten dan voor die tijd gewoon was. Er is echter veel wat ze niet weet over haar afkomst, haar oma houdt dat bewust ook zo. Want, zo zegt ze: “Sommige dingen kun je beter niet weten.” Wanneer Isa door haar oma naar Willem wordt gestuurd en ze daar bekendmaakt wie zij is, betekent dat voor Willem en Mathilde een dikke streep door hun plannen. Maar zolang Isa in de waan wordt gelaten over wie zij werkelijk is, lijkt er niets aan de hand. Aan het hof heeft Isa inmiddels kennis gemaakt met Garvin van Winchester. Hij had op zijn beurt een dringende boodschap voor Willem die van belang was voor diens plannen ten aanzien van de troonopvolging. Garvin is diep onder de indruk van de sterke persoonlijkheid van Isa. Ze is onverschrokken en vrij, sterk en staat haar mannetje. Karaktereigenschappen die bij de een ontzag afdwingen maar bij anderen ergernis en bedreiging.

Die bedreiging neemt nog meer vorm aan wanneer in Engeland blijkt dat Koning Edward niet lang meer te leven heeft. Er is onduidelijkheid over de opvolging en de komst van Isa heeft daarop ook invloed. Maar wat haar rol en die van Gavin precies inhoudt moeten ze zelf uitvogelen. Gevechten, aanslagen, complotten, geheimen, intriges en nog veel meer maken Dans om de troon tot een inhoudelijk sterke historische roman.

Zoals altijd met de boeken van het Hoogstraaten-duo is het van A tot Z genieten. Hun manier van vertellen, de combinatie tussen fictie en feiten is ongekend. Net zoals de historische romans van Simone van der Vlugt is het telkens weer leren en lezen tegelijkertijd. Ik hou ervan. Daarbij schrijft dit echtpaar grandioos mooi, ze blinken uit in hun eenvoud. Geen moeilijk gedoe maar mooi, helder taalgebruik. Ongekunstelde dialogen en filmische achtergronden maken hun boeken keer op keer tot een avontuur. Ook nu weer zijn de sterke personages, al dan niet bedacht, tekenend voor het verhaal. De rol van de vrouw wordt overtuigend neergezet en dat maakt vooral Isa en haar hofdame Brigitte erg innemend en haast feministisch voor hun tijd.

Het verhaal speelt zich af begin het jaar 1000 en daar was de gedachte aan onafhankelijkheid voor vrouwen nog niet eens ter sprake. Toch kent Dans om de troon zowel authentieke gedragsregels als een knipoog en die vrijheid hebben de auteurs prachtig uitgespeeld.

Een hele bijzondere aanvulling in het geheel zijn de passages uit de geheime kronieken van Mathilde. Deze stukken maken het beeld stuk voor stuk steeds meer compleet waardoor de motivatie uit bepaalde hoeken druppelsgewijs steeds duidelijker wordt. Een leuke springplank naar het volgend boek is het feit dat er zoveel eventuele gegadigden azen op de kroon. Maar je hebt nog geen idee, wel vermoedens. Wie en hoe zal de troon uiteindelijk bestijgen? Afwachten dus!

Wat een cadeautje toch weer dit boek! En het goede nieuws is dat er volgend jaar (serieus, dan pas??) een vervolg op gaat komen. De Schaduwkoningin is het vervolg op Dans om de troon maar naar mijn idee begint ‘de dans’ dan pas echt! Dit boek heeft me in ieder geval dusdanig meegevoerd dat het wachten eigenlijk niet eerlijk is. Maar goed, het is niet anders. 4 sterren voor dit heerlijk verhaal waar wederom historische feiten en fictie elkaar naadloos aanvullen.

Patrice
Perfecte Buren